Boeken van vroeger

boeken beleefd

Alleen op de wereld: Hector Malot

Illustraties van J.C.Nijland

Het was in 1956/1957
We woonden in Hillegom. We waren  verhuisd van het Zuid Hollandse Arkel, het gebied van de Linge met zijn  dijk, rietkragen, sloten en wilgen ,naar  Hillegom,  met de zee en niet te vergeten  de duinen, bloembollenvelden, maar ook  een nieuwe school en nieuwe vriendinnetjes.
Er zou een film worden vertoond op een groot open terrein, ik mocht erheen. Grote opwinding maakte zich  toen van mij meester, mijn eerste film voor zover ik weet. Het was de tijd  van vóór de televisie, die zijn intrede deed in mijn leven in 1958 aan ons pleintje. Het toeval wilde dat er één bij mijn vriendinnetje Tamara in huis stond.
Zij had een Poolse moeder, die altijd zo mooi praatte, met lange” ies” als tongval maar vooral was het een hele hartelijke moeder en Tamara was enig kind, dus stonden er op woensdagmiddag alle schoenen voor de deur van alle kinderen die aan het pleintje woonden. Dappere Dodo, Kluk-Kluk, Pipo de clown en na afloop allemaal zwaaien naar tante Hannie.
Er stond een enorme grote grijze tent op het immense  veld, ik liep er vol verwachting heen, nam plaats op de houten banken en wat ik toen zag vergeet ik mijn hele leven niet.  De tijd stond stil  en  ik ging totaal  op in het  filmbeeld.
Eenzaamheid was het thema  dat steeds terugkeerde in de film en dat ik tot in mijn tenen voelde. Eenzaam maar niet alleen, zou je kunnen zeggen. Steeds als  alles een beetje goed ging  , voltrok er zich weer een ramp. Maar gelukkig was er Vitalis, ruwe bonk, blanke pit type( die een groot geheim met zich meedroeg bleek later), steun en toeverlaat van Remi  , maar hij ging dood op zeker moment en Remi  bleef moederziel alleen achter. Maar Remi bleek een enorme veerkracht en vertrouwen te bezitten en maakte vele vrienden bij al zijn avonturen.
Ik genoot van de grappige scènes met  Joli-Coeur en de honden

 

 

Het is feest als moeder voor ons leest: G.Gilhuis-Smitskamp'tIsfeestalsmoedervooronsleest

tekeningen van Adri Alindo

Dit is de titel van een voorlees/prentenboek dat mijn moeder voorlas aan mijn broertje en mij , wij waren kleuter en schoolgaand kind, dit was in 1953.
Gevleugeld gezegde in de familie en vaak aangehaald door mijn moeder: Het is feest als moeder voor ons sjeest!
Mijn moeder kwam uit Brabant, dus zaten er af en toe woorden van onder de grote rivieren bij.
Mijn moeder herhaalde dit altijd als ze ons verwende, zelfs toen wij al een eigen gezin hadden en toen lag het “sjezen”natuurlijk bij ons.

Een versje dat in het boek stond is en ik nog uit mijn hoofd weet is: Koen maak je mijn schoen. Ik vond het als kind erg leuk uit het hoofd te declameren en natuurlijk in dialoogvorm met elkaar op te zeggen.

 

 

 

KoenKoen, maak je mijn schoen?

Koen, maak je mijn schoen?
Ja, juffrouw, ik zal 't dadelijk doen .

Koen, maak je hem sterk?
Ja, juffrouw, dat is mijn dagelijks werk.

Koen, is mijn schoen al klaar?
Ja, juffrouw, betalen maar.

Koen, ik heb geen geld ontvangen.
Nu, dan blijft uw schoen daar hangen
want op klanten zonder geld
daar ben ik niet op gesteld.

Dag, Koen!
Dag, juffrouw zonder schoen!

 

Wat ik mij herinner is dat het altijd een heerlijk moment van de dag was als mijn moeder het aan ons voorlas. De herhaling van wat wij al kenden gaf steeds weer blijdschap. Het gezellige moment als we in de pyama’s waren en dan bij moeder op de divan zaten of in de winter dicht bij de kachel in een leunstoel zaten. We luisterden ook elke dag naar Paulus de Boskabouter van Jean Dulieu, dat werd om 7 uur s’avonds uitgezonden en daarna was het altijd bedtijd. Op de schoorsteen hing een worteldoek met franje en een koperen hagedis in de vallende plooien . Op de schoorsteen stonden twee zwarte houten kraaien ( uit Indië van mijn oom) en een koperen theelichtje in de vorm van een kacheltje. Onze kachel ( ronde vormen met mica raampjes) was het warme middelpunt van de huiskamer, waarop ,soms als ik erge oorpijn had, de slaolie lauw werd gemaakt om dan met een lepeltje een druppel in mijn oor te gieten ( gaf altijd verlichting), daarna ging er een watje in. Die kamer was belangrijk voor de zondag en de avonden.Op zondag luisterden wij altijd naar de radio naar: Toestand in de wereld, van W.G.J. Hilterman, dan moesten wij doodstil zijn mijn broer en ik. Eerst zondag’s eten ( extra lekker) en dan Hilterman luisteren. Verder werd er in de keuken geleefd overdag, waar ook een huur radio op een plankje aan de muur stond boven de keukentafel.

Ook hier hetzelfde, was er nieuws dan moesten wij doodstil zijn. Mijn broer zegt nu nog altijd als het nieuws komt: ssssstttt....... Hij heeft het volgens mij niet in de gaten.

HansjevandehogetorenHansje van de hoge toren: M.A.M. Renes-Boldingh

tekeningen van Rie Reinderhoff

Ik kreeg dit boek van de zondagsschool in Arkel bij de kerstviering in 1953/54 in de kerk van Arkel. Ik kreeg er ook een mooie grote sinaasappel bij, ik voelde mij zeer verguld. Sinaasappels waren een luxe. Ik voel en ruik hem nog als het ware.  Van het boekje herinner ik mij dat het een verdrietig begin had maar dat het allemaal goed afliep. En het bood troost. Van de tekening op het kaft werd ik altijd blij.
Er kwam ziekte voor in het verhaal .......
en dat was meteen ook de link met mijn eigen leven, waar de ziekte van mijn moeder een grote rol speelde. Mijn moeder had tbc gehad, ik ben in een sanatorium geboren, ik werd anderhalf jaar door mijn grootouders verzorgd .
Toen het gezin herenigd werd, ( ik had er inmiddels een broertje bij), moest mijn moeder in verband met de t b altijd 's middags rusten. Later in mijn leven kwam het gemis van mijn moeder in het begin van mijn leven nog hevig terug.
De tekening op het kaft ben ik nooit vergeten, toen ik hem op internet zocht, kreeg ik een schok van herkenning, hierin vergis je je niet.

Herinneringen

De zondagsschool werd gehouden in de lagere school aan de dijk van de Linge.
Ooit liep ik met armen vol dotters in het voorjaar op de dijk van deze prachtige rivier. Later kreeg ik mijn eerste kus van een vriendje aan de Linge.
Als ik aan de Linge denk zie ik de dijk, de bloemen, de fruitbomen, de wilgen, de rietbedekte boerderijen, het zwembad, het pontje bij Spijk, de melkfabriek, de moestuin bij de jeugdherberg, het huisje van de klompenmaker. Oma’s huisje met de poezen en de kippen.
Verder denk ik aan: lopen naar school, kanoën, roeien, zwemmen, opa op zijn fiets naar zijn werk over de dijk. De overal gehoorde fluit van de betonfabriek( om exact 12.00 uur). Iedereen ging warm eten van 12.00 tot 13.00 uur, het gaf de dag een duidelijk ritme.
De koster die mij het boekje gaf was ook kapper, dus een bekende Arkelaar, bovendien een bijzonder aardige man en buurman. Ooit, misschien was ik 5 jaar, heb ik hem gevraagd om staartjes te maken in mijn haar ( mijn haar werd altijd kort geknipt). Hij kreeg het voor elkaar, van mijn haar werd die keer niets afgeknipt, ik voel nog de trots toen ik de kapperswinkel uitstapte. Of mijn moeder hier ook blij mee was?



Contact

 

Opmerkingen over deze site?
Mail naar: boekenvanvroeger.nl (info)

jessewilcoxsmith3

Meedoen?

 

Stuur een mail over je favoriete boek aan: boekenvanvroeger.nl (info)